Blog: Tussen twee werelden

Ze zat bij de bagagebanden. Een jonge Aziatische vrouw, met een zoontje van anderhalf. Zij zat roerloos, het jongetje rende telkens op en neer om met zijn handje over de schubben van de ronddraaiende band te strijken. Omdat ze niet zoals andere reizigers gretig naar haar koffers zocht, maar vooral omdat ze als enige nog stilletjes zat te wachten, ging ik naast haar zitten.

“Are you okay?”

Ze wachtte op de buggy voor haar zoon, die intussen nog grotere ondernemingen verzon. Ze had de kinderwagen sinds haar vertrek uit Manila en de tussenstop in Istanbul niet meer gezien. En buiten, in een andere aankomsthal, stond haar aanstaande man met zijn ouders. Het lukte haar niet hem te bereiken, er was iets met de telefoon. (Hoe dicht je bij elkaar kunt zijn, als aankomer en afhaler, dacht ik, maar een glasplaat scheidt twee werelden.)

Na wat overleg door mij met diverse instanties en haar vriend, kon ze eerst naar buiten om haar aanstaande, de vader van het kind, te begroeten. Het zoontje vlijde zich gelijk tegen de schouder van zijn vader. Oktober hadden ze elkaar voor het laatst gezien. Nu kwam ze voorgoed.
Met háár ging ik terug de bagagehal in. Ze was zo moe. Een lange reis in je eentje met een wispelturige peuter néémt van je. Maar ook haar verdriet om haar oude moeder die ze in het verre land achter liet. Ze was dochter van een ongeletterde moeder, die nooit naar Nederland zou kunnen komen om haar nieuwe wereld te bekijken. Ze huilde.

“My mom is religious”, zei ze vervolgens. Dit was hun houvast tussen twee werelden, merkte ik. “So she gave you her blessing”, kwam over mijn lippen. “Ja, mijn moeder zei dat ik naar mijn nieuwe familie moest gaan en dat zij zich zou redden. Het is moeilijk, want ik ben haar enige dochter.”
We kwamen bij de band. Eerst niets te zien. Toen naar de afwijkende-maten-bagage. Haar reactie op de twee koffers en de kinderwagen was veelzeggend. Zo blij. Spulletjes van thuis, een verbinding met de wereld die ze had achtergelaten.

We liepen terug naar de aankomsthal. Vader zat met zoon op schoot op een bagagekar. Op naar het noorden, naar de nieuwe woonplaats. Met haar grote liefde. Ik was even een schakel tussen twee werelden. De twee geliefden hebben het schakelen als langdurige opdracht. Onder één hemel, waar zegens afstanden overbruggen.

Marieke Meiring
www.luchthavenpastoraat.nl