Blog: Vrede op aarde… alleen met Kerst?

Maandag 15 januari, op Martin Luther King jr.-dag, zal ik de beroemde speech (“I have a dream”) van dominee Martin Luther King lezen, zoals ik de laatste jaren steeds gewoon ben te doen. Het gaat dan om de speech/preek, die Martin Luther King, de zwarte predikant en mensenrechtenactivist, op 23 augustus 1963 in Washington uitsprak. Hij sprak zijn woorden in een roerige tijd, die bol stond van de spanningen.

Een koude oorlog tussen oost en west, spanningen tussen bevolkingsgroepen met een andere achtergrond in eigen land vanwege huidskleur, geschiedenis of opleiding: de wereld van dat moment was één groot kruitvat.

Het kon zomaar misgaan in het Oostblok, in Vietnam, in Cuba, in Afrika, zoals dat ook nu lijkt te kunnen gebeuren.

Altijd die ongelijkheid…

King houdt die dag zijn speech bij het Abraham Lincolnmonument. Het monument voor Lincoln die in de Amerikaanse burgeroorlog leiding nam en ook de slavernij afschafte, maar in 1865 wel werd vermoord.

Bijna honderd jaar later, in 1963, zijn de spanningen en de ongelijkheid echter niet opgelost.

Alsof er ooit wel een tijd was zonder die ongelijkheid. De mens kan maar heel moeilijk verschillen verdragen, dat zien we al aan het begin van de Bijbel, bijvoorbeeld in de geschiedenis van Kaïn en Abel (Genesis 4). Kaïn, die de ongelijkheid tussen hem en Abel afreageert op zijn broer en hem doodslaat. We richten liever al onze aandacht op de verschillen en scheren het liefst mensen zoveel mogelijk over een kam. Zowel voor- als tegenstanders doen dat trouwens. En helaas zien we dat ook terug in de vele debatten die de laatste tijd in Nederland zijn gevoerd, of ze nu gingen over topinkomens, zwarte piet, genderneutraliteit of het basisonderwijs.

Dromen

King ziet kans in de speech de verschillen te overkomen door dromen centraal te stellen. Want zijn we beter af, als we ons blijven richten op de verschillen? Hebben alle mensen niet iets wat zij met elkaar delen? Ja, zo speecht hij: dromen. Mensen hebben dromen. Ik heb een droom. Mensen worden dromend aan het dierlijke niveau onttrokken. Wij hebben niet alleen onze driften, ons diep geworteld gevoel voor ongelijkheid.

We hebben vooral ook dromen. Iedereen droomt tenslotte van het beloofde land, van geluk.

Gelukkig droomt ook (bijna) iedereen van vrede, meer dan van oorlog. Iedereen droomt toch van vrijheid in plaats van leven als slaaf of vluchteling? Daar in het hart van de American Dream en van haar grondwet zegt King tegen zijn luisteraars:

Iedereen droomt van gelijke behandeling, omdat we geloven dat alle mensen gelijk geschapen zijn.

Maar die droom wordt pas werkelijkheid als we deze droom geweldloos realiseren. Want haat kan haat niet overwinnen, alleen liefde kan dat doen.

Ik geloof steeds meer in deze dromen, meer dan in alle vluchtige en driftige ‘soundbites’ van onze (sociale) media. Misschien wel als vlucht voor alle ellende en ongelijkheid die mij via diezelfde ‘social’ media bereikt. Misschien vooral omdat ik dankba
ar ben dat mijn wieg in Nederland stond en dat ik daar tegelijk niets aan kan veranderen. Ik voel mij rijk en vrij, ik ben niet op de vlucht, ik mag mijn geloof uiten en uitdragen en ik heb een dak boven mijn hoofd. Voor mij vanzelfsprekend, maar voor velen een droom. Daarom wil ik voor die droom opkomen maar ook de ander in laten delen. En dat bindt mij aan die ander. Hun droom is ook mijn droom.

Vrede op aarde

En hebben we dat een kleine maand geleden niet nog uit volle borst gezongen? “Vrede op aarde, in de mensen een welbehagen.” Op maandag 15 januari zal ik het nog een keer zingen, meteen een goede remedie tegen ‘blue monday’.

Ds. Joost Schelling